JOHAN
FANS

JOHAN - THX JHN

woensdag 17 mei 2006

Volkskrant

Gijsbert Kamer

Met minder dan perfecte popliedjes neemt zanger/gitarist Jacco de Greeuw van Johan geen genoegen. Je moet er even op wachten, vijf jaar, maar dan komt er ook een plaat waar je jaren mee voort kan. De Greeuw flikte het vijf jaar geleden toen Pergola het in 1996 uitgebrachte debuut in zeggingskracht overtrof, en nu ligt er THX JHN, een album dat in alle opzichten de beide voorgangers overtreft.

De referenties zijn opnieuw de klassieke gitaarpop-platen van de Beatles tot R.H.M.. Zie daar maar wal aan toe te voegen, zelfs R.E.M. heeft al een paar decennia moeite het eigen topniveau van eind jaren tachtig te benaderen. Toch stijgt Johan op THX JHN niet alleen boven zichzelf uit, maar boven de meeste gitaarbands.

Ze klinken even achteloos als dwingend, sprankelend en loch melancholisch zoals we dat van hun gewend zijn. De extra dimensie is dat Johan meer dan voorheen een echte band is. Kon je Pergola nog beschouwen als De Grccuws soloprojecl, op THX JHN is de chemie die grote bands kenmerkt bijna tastbaar. Gitarist Maarten Kooijman vervult hier de rol van een Johnny Marr of Peter Buck door onder de melodielijnen telkens weer verrassende gitaarpartijen te leggen, die de liedjes een extra dimensie geven. Drummer Jeroen Klcijn roffelt als een nazaat van Keith Moon She's Got A Way With Men naar grote hoogten, en bassist Diets Dijkstra houdt met zijn soepele spel de boel bij elkaar. Ieder liedje is raak. De Nederlandse gitaarpop heeft een nieuw ijkpunt, met THX JHN kunnen we zo vijf jaar voort. (*****)

Terug naar pers