JOHAN
FANS

Johan besluit met lef het succesjaar 2001

zondag 30 december 2001

NRC Handelsblad

Hester Carvalho

De Nederlandse groep Johan heeft het afgelopen jaar een glorieuze opmars doorgemaakt. De band rond zanger/gitarist Jacob de Greeuw bracht een tweede cd uit, Pergola, die niet alleen prachtig klinkt maar ook goed verkocht. Johan speelde dit jaar op alle grote popfestivals; de cd Pergola eindigde op nummer 1 van de Moordlijst (de critici-hitlijst van Oor) en de band werd onlangs genomineerd voor twee Edisons. En overal waar Johan optreedt zijn de zalen vol. Ondanks sneeuwbuien en gladde wegen was ook de Max in Amsterdam afgelopen zaterdag bijna uitverkocht.

Op De Noorderslag, 12 januari in Groningen, zal Johan spelen op het grote podium, en dat is een terechte ereplaats. Toch moet Johan het niet hebben van uitstraling of wervend podiumgedrag. Het is vooral de stootkracht die het effect is van drie gitaristen, een orgel en honingzoete samenzang, die de band ook live vervoerend maken. Want zo'n muzikaliteit ter plekke gecreëerd te zien worden is imposant. De stemmen die zich als geliefden in elkaar verstrengelen en de gitaren die in elkaar overvloeien, worden hier benut voor transparante liedjes, die op het eerste gehoor een gelukkig makend 'jaren zestig'-gevoel oproepen: de tijd dat de koortjes nog harmonieus klonken en de wereld overzichtelijk was.

Maar net zoals de jaren zestig niet zo ongecompliceerd waren, is ook het simpele geluksgevoel van Johans liedjes bedriegelijk. In Johans muziek wordt de schoonheid van twinkelende zang en naïeve teksten ('We can fly on paper planes') in evenwicht gehouden door plotseling opduikende wanklanken. Zo kan de zang van De Greeuw soms doorslaan naar een geknepen gegalm dat Rick Davies van Supertramp in herinnering brengt, en kennen de liedjes enkele

geforceerde breaks en overgangen, onderstreept door uitschietende

keyboardpartijen of zenuwachtig snaargetokkel. Toch dragen deze detonaties in het geval van Johan juist bij tot de feestvreugde. Ze staan voor lef en eigenzinnigheid: de luisteraar hoeft niet met suikergoed verlokt te worden.

Dat het toevoegen van gekunstelde elementen ook minder goed kan uitpakken bleek bij de eerste groep van de avond. Het beginnende Coparck speelde tegen het einde van de set een aantal liedjes die afgerond en hecht klonken, en de staande electrische basgitaar had een mooie zachte toon. Maar veel nummers leden hier onder een te ingewikkelde aanpak en hoekige structuren. 'Intellectuele popmuziek' werd dat ooit genoemd. En dat gold niet als aanbeveling.

Concert: Johan, Coparck.Gehoord: 29/12 Melkweg-Max, Amsterdam.

Terug naar pers